De doorstroomtoets en het vertrouwen in de leerkracht?

dinsdag, 3 maart 2026 (15:14) - Zoetermeers Dagblad

In dit artikel:

Tijdens de recente Open Huizen — de kennismakingsdagen voor ouders en leerlingen uit groep 7 en 8 — viel rector/bestuurder Philip de Vries (Alfrink College, Zoetermeer) op dat bijna elk gesprek al snel over de doorstroomtoets (voorheen Cito) ging. In plaats van te praten over interesses, talenten, sfeer en begeleiding, richtten ouders en kinderen zich vooral op de toetsuitslag, die in Nederland steeds meer zeggenschap heeft gekregen over het schooladvies.

De Vries benadrukt dat toetsen zinvol zijn om te meten waar een leerling staat in bijvoorbeeld taal en rekenen en om ontwikkelbehoeften te bepalen. Maar hij waarschuwt tegen het geven van een doorslaggevende rol aan één toetsuitslag. Een score kan leiden tot druk op leraren om adviezen aan te passen wanneer de toets hoger uitvalt dan het eerder gegeven advies; vaak krijgt de toets daardoor het laatste woord, met soms onnodige teleurstellingen als later blijkt dat de leerkracht het juist had ingeschat.

Leerkrachten zien naast cijfers ook werkhouding, doorzettingsvermogen, nieuwsgierigheid en sociale vaardigheden — eigenschappen die moeilijk in referentieniveaus te vangen zijn. De Vries illustreert dit met een persoonlijk verhaal: hij scoorde laag op de Cito, kreeg toch een vwo-advies van zijn juf en behaalde uiteindelijk het vwo met uitstekende cijfers. Dat bevestigt volgens hem het belang van professionele inschatting.

Zijn oproep: gebruik de doorstroomtoets als hulpmiddel, maar laat het eindoordeel sterker bij de leraren berusten die het kind echt kennen. Twijfels over het advies moeten aanleiding zijn tot gesprek met het schoolteam. Kort door de bocht: meer vertrouwen in professionals is beter voor het kind.